Ik kan niet afdrukken
Voor Windows/macOS
Oorzaak | Oplossing | Meer info |
|---|---|---|
Het apparaat is uitgeschakeld. | Schakel het apparaat in. | |
De LAN-kabel/USB-kabel is losgekoppeld. | Controleer of de kabel correct is aangesloten op dit apparaat en de pc. | |
Er is een probleem met de kabel. | Vervang de kabel door een nieuwe. | - |
Er is op het apparaat een fout opgetreden. | Controleer de foutmelding die op het scherm worden weergegeven. Of druk op het bedieningspaneel op «HELP» om de fout te bekijken en te wissen. | |
De interface-instellingen zijn uitgeschakeld. | Controleer de interface-instellingen die u gebruikt op het bedieningspaneel. |
Voor Windows
Oorzaak | Oplossing | Meer info |
|---|---|---|
Het apparaat is niet ingesteld als standaardprinter. | Stel het apparaat in als standaardprinter. Open [Devices and Printers (Apparaten en printers)], klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de apparaatnaam (*) en selecteer [Set as Default Printer (Als standaardprinter instellen)]. Het sterretje (*) geeft het type printerstuurprogramma aan. (bijv. PCL6/PS) Schakel het selectievakje [Let Windows manage my default printer (Laat Windows mijn standaardprinter beheren)] uit. | - |
De afdrukpoort van het printerstuurprogramma is onjuist. | Selecteer de uitvoerpoort waarop de LAN-kabel/USB-kabel is aangesloten. | - |
De printer wordt op de pc als offline weergegeven. | Open [Devices and Printers (Apparaten en printers)], klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de apparaatnaam (*) en selecteer [See what's printing (Afdruktaken weergeven)]. Wanneer de pictogrammen zijn gegroepeerd, selecteert u de apparaatnaam (*) in [See what's printing (Afdruktaken weergeven)]. Het sterretje (*) geeft het type printerstuurprogramma aan. (bijv. PCL6/PS) Selecteer in het weergegeven scherm het menu [Printer (Printer)] en verwijder het vinkje bij [Use Printer Offline (Printer offline gebruiken)]. | - |
