Lade automatisch omschakelen als het papier op is

Als het papier in de laden (d.w.z. de papierlade (cassette 1/2/3/4) of de MP-lade) hetzelfde formaat, gewicht en type heeft, kunt u het apparaat zo instellen dat het afdrukken wordt voortgezet vanuit een andere lade wanneer de invoerlade leeg is.

Selecteer op het bedieningspaneel eerst Autom. ladewissel. Selecteer daarna Autom. ladewissel in het printerstuurprogramma.


Bij gebruik van de MP-lade

Standaard is het lade-instelling ingesteld op [When Mismatching (Bij inconsistentie)] voor de MP-lade. In dit geval is de MP-lade niet onderhevig aan Automatische ladewisseling.

Gebruik de volgende instellingen om de MP-lade in te stellen als doel voor automatische cassetteselectie.

  1. Controleer of "Ready To Print (Klaar voor afdruk)" op het scherm verschijnt.

    • Als het apparaat de energiebesparingsmodus heeft geactiveerd, drukt u op «OK» om het apparaat te herstellen.
  2. Druk verschillende keren op de scrollknop ▼ op het bedieningspaneel om [Menus (Menu's)] te selecteren en druk op «OK».

  3. Druk ▼ meerdere keren en selecteer [User Setup (Gebruikersmenu)] en druk op «OK».
  4. Controleer of [Tray Configuration (Cassetteconfiguratie)] is geselecteerd en druk vervolgens op «OK».
  5. Controleer of [MPTray Config (Config univ. cassette)] is geselecteerd en druk vervolgens op «OK».

  6. Druk ▲ om [Tray Usage (Cassettegebruik)] te selecteren en druk vervolgens op «OK».
  7. Druk ▲ om [Normal Tray (Normale cassette)] te selecteren en druk vervolgens op «OK».

    • De laden worden omgeschakeld volgens de instelling van [Tray Sequence (cassettevolgorde)].
  8. Druk op «CANCEL» om naar het stand-byscherm terug te keren.


Voor het Windows PCL-printerstuurprogramma
  1. Open het af te drukken bestand.
  2. Selecteer [Print (Afdrukken)] in het [File (Bestand)]-menu.
  3. Klik op [More settings (Meer instellingen)].
  4. Selecteer de lade waaruit papier moet worden ingevoerd in [Source (Bron)] op het tabblad [Setup (Setup)].
  5. Klik op [Paper Feed Options (Papierinvoeropties)], selecteer [Auto (Automatisch)] in [Paper feed options (Papierinvoeropties)] en klik op [OK (OK)].
  6. Geef indien nodig overige instellingen op en klik op [OK (OK)].
  7. Klik op [Print (Afdrukken)] in het scherm [Print (Afdrukken)].


Voor het Windows PS-printerstuurprogramma
  1. Open het af te drukken bestand.
  2. Selecteer [Print (Afdrukken)] in het [File (Bestand)]-menu.
  3. Klik op [More settings (Meer instellingen)].
  4. Selecteer de lade waaruit papier moet worden ingevoerd in [Paper Source (Papierinvoer)] op het tabblad [Paper/Quality (Papier/Kwaliteit)].
  5. Klik op [Advanced (Geavanceerd)] en selecteer [Yes (Ja)] bij [Printer Features (Printerfuncties)] - [Tray Switch (Lade wisselen)].
  6. Klik op [OK (OK)].
  7. Geef indien nodig overige instellingen op en klik op [OK (OK)].
  8. Klik op [Print (Afdrukken)] in het scherm [Print (Afdrukken)].


Voor de PCL-printerstuurprogramma voor macOS
  1. Open het af te drukken bestand.
  2. Selecteer [Print (Afdrukken)] in het [File (Bestand)]-menu.
  3. Selecteer [Printer Options (Printeropties)] - [Setup (Setup)].

  4. Selecteer de te printen lade in [Paper Source (Papierinvoer)].
  5. Klik op [Paper Feed Options (Papierinvoeropties)] en vink [Auto tray switch (Automatisch wisselen van lade)] aan.
  6. Geef indien nodig overige instellingen op en klik op [Print (Afdrukken)].

  • Als er geen detailinstellingen worden weergegeven in het scherm [Print (Afdrukken)], klik op [Show details (Details weergeven)] onderaan het scherm.


Voor de PS-printerstuurprogramma voor macOS
  1. Open het af te drukken bestand.
  2. Selecteer [Print (Afdrukken)] in het [File (Bestand)]-menu.
  3. Selecteer [All Pages Form (Alle pagina's afdrukken)] in [Printer Options (Printeropties)] - [Paper Source (Papierinvoer)] en selecteer de lade waaruit u wilt afdrukken.

  4. Selecteer [Paper Source (Papierinvoer)] in [Printer Options (Printeropties)] - [Print Options (Printopties)].

  5. Vink [Auto tray switch (Automatisch wisselen tussen lades)] aan.
  6. Geef indien nodig overige instellingen op en klik op [Print (Afdrukken)].

  • Als er geen detailinstellingen worden weergegeven in het scherm [Print (Afdrukken)], klik op [Show details (Details weergeven)] onderaan het scherm.